Roermondenaar Geert Teeuwen (77) weet het nog precies. “Afgelopen dinsdag was het precies drie weken geleden. Ik zat beneden in een gesprek met een klant, toen mijn vrouw om kwart over elf de trap kwam afgerend en zei ‘het rookt boven, het komt geloof ik van de zolder’. Stom toevallig stond aan de overkant van de straat een ambulance om iemand op te halen, en de bestuurster daarvan had de rook ook al gezien én de brandweer gealarmeerd. Ze riep naar ons ‘kom naar beneden en naar buiten, nú!’.”
Door haar snelle optreden stond de brandweer binnen no time met meerdere bluswagens en ladderwagens in de Swalmerstraat en ook de politie was razendsnel aanwezig. Geert: “We hebben niets dan lof voor beide hulpdiensten. Iedereen had meteen de verwoestende stadsbrand in Arnhem in herinnering die in 2025 het historische hart van Arnhem trof en waar een compleet monumentaal huizenblok in vlammen opging. Dat risico was hier in de Swalmerstraat ook aanwezig, vandaar het snelle opschalen door de brandweer.”
Toen uiteindelijk het sein ‘brandmeester’ kon worden gegeven en de voorlopige balans kon worden opgemaakt bleek al snel dat de brand desastreuze gevolgen had: de tweede (zolder)verdieping was uitgebrand en het woonhuis op de eerste verdieping en de bedrijfsruimte op de begane grond hadden dusdanige water-, rook- en roetschade dat ze op slag onbruikbaar waren. Voorlopig geschatte totale schade: 5 miljoen euro.
Niets minder dan een ramp voor Geert Teeuwen en zijn vrouw Els die hier vanaf 1988 woonden en er ook hun bedrijf Limburg Fine Food hadden. “We zijn helemaal vergroeid met dit prachtige pand, dat perfect is voor de ontvangst van onze klanten en andere gasten. Ons bedrijf is gespecialiseerd in de ontwikkeling, in- en verkoop van verse en diepgevroren patisserie en hartige convenienceproducten. We leveren innovatieve foodconcepten aan onder meer bakkerijen, horeca en de voedingsmiddelenindustrie. Niet zomaar een bakkerijwinkeltje op de begane grond dus.”
Hartverwarmend
Even kort terug naar het sein ‘brandmeester’: de brandweer vertrekt uit de straat en daar sta je dan als gedupeerde eigenaar. En dan? Geert: “binnen enkele minuten hadden we van maar liefst zes mensen hier uit de straat een aanbod voor onderdak, dat was echt hartverwarmend. Doordat ik altijd veel te maken heb gehad met het in eigen beheer bouwen van panden dacht ik wel te weten wat er verder op ons af ging komen, maar al snel werd duidelijk dat hier wel héél veel bij kwam kijken. De verzekeringsmaatschappij kwam met een schade-expert die aan mijn kant stond, althans dat werd me verteld. Maar zo iemand werkt natuurlijk óók in het belang van de verzekering, dat roept toch een beetje het gevoel op van de slager die zijn eigen vlees keurt. Lang verhaal kort: ik kreeg van diverse kanten tips om eens te gaan praten met Olaf Nikkels, eigenaar van het Nederlands Contra Expertise en Taxatie Bureau (NCETB). Van het een kwam het ander, we hadden meteen een goede vertrouwensband en dat heeft ertoe geleid dat Olaf richting de verzekeringsmaatschappij al mijn belangen behartigt.”
Gedupeerde
Is zo’n eigen expert echt nodig? Olaf Nikkels: “De verzekeraar heeft deskundigen die namens hem de schade onderzoeken en beoordelen. Een gedupeerde mag eveneens een eigen deskundige inschakelen. Wij staan naast de gedupeerde, brengen de schade en de polis in kaart en zorgen ervoor dat zijn belangen tijdens het hele traject worden bewaakt. Bij een grote schade zijn die belangen aanzienlijk en de materie complex. De gedupeerde heeft vaak nog nooit zoiets meegemaakt. Dan is het logisch dat ook hij iemand naast zich heeft die dezelfde taal spreekt en uitsluitend zijn belangen behartigt. We werken met een klein team van drie personen, maar kunnen de belangen van de gedupeerde maximaal ondersteunen.” De onafhankelijkheid van Olaf spreekt Geert erg aan. “Daar komt bij dat Olaf hier letterlijk om de hoek woont en daardoor hier dagelijks aanwezig kan zijn. Daar ben ik heel blij mee, want ik weet inmiddels dat er verschrikkelijk veel op je afkomt na zo’n brand. Geen kwaad woord overigens over mijn verzekeraar, maar ik voel me er niet happy bij als een expert die mij moet bijstaan ook staat voor de belangen van de verzekeraar. Een contra-expert is er echt alleen voor de belangen van de gedupeerde.”
Olaf vult aan: ‘Wij vinden dat een klant zeker in de eerste weken na zo’n ingrijpende gebeurtenis echt volledig ontzorgd moet worden. Er komt dan in korte tijd zó veel op hem af, iedereen belt en doet en zorgt daarmee voor een enorme druk. Vergis je niet: ná de brand begint pas het echte verhaal. Ik wil als eerste daarom altijd weten hóe iemand is verzekerd. Elk bedrijf dat hier in het pand iets gaat doen maakt kosten, en als je niet oplet heb je binnen no time een berg kosten waar je helemaal niet voor verzekerd bent. Zolang ik die polis niet heb gezien, laat ik in principe geen werkzaamheden toe.” Olaf benadrukt dat hij altijd streeft naar professionele samenwerking met de deskundige van de verzekeraar. “Je kunt stevig van mening verschillen over een schadepost, maar uiteindelijk moet je samen tot een goed onderbouwde schadevaststelling komen.”
Laatste vraag: hoe ziet de toekomst er nu uit voor Geert en Els? “Het verzekeringstechnisch plan is herbouwen, de werkelijkheid voor ons zal er wellicht wat anders uitzien. We willen hier wel graag blijven wonen en werken, maar wellicht dat we meteen links en rechts wat zaken willen aanpassen”, besluit Geert.