Column: Een goede buur…

Column: Een goede buur…

 












Een goede buur…

Heeft uw supermarkt al een kletskassa? Nog nooit van gehoord? Ja, dat is iets nieuws. Een speciale kassa waar je een praatje kunt maken terwijl je je boodschappen afrekent. We kenden al de scankassa, waar je supersnel kunt betalen (tenzij er een steekproef genomen wordt of je iets wilt dat “niet in het systeem zit”…), je hebt de gewone kassa en ook nog de mandjeskassa. Die gaat weer een beetje sneller omdat de hoeveelheden per klant kleiner zijn. Maar als je pech hebt moet je nog iets hebben van de servicebalie. Daar is dan iemand voor in de rij die een Staatslot wil kopen en allerlei speciale nummers wenst. En als er een kledingstuk niet te vinden is bij de stomerijservice, dan zou je wensen dat jouw supermarkt een kletskassa heeft. Daar is wachten tenminste nog gezellig. De kletskassa. Raar eigenlijk. Ik kan me nog de tijd herinneren dat we als kinderen af en toe boodschappen deden in een heel klein buurtwinkeltje. Het was een gewoon rijtjeshuis waarvan de woonkamer was voorzien van een toonbank. Alle winkelwaren stonden in het schap achter de toonbank en iedere klant werd apart bediend. Niks zelf pakken, van alles was maar één soort dus ‘suiker’ was één kilo gewone suiker. Eén soort koffie, één soort kaas. Iedere klant had zijn lijstje en overhandigde dat aan de winkelvrouw. Binnen drie minuten stond je buiten met je boodschappen. Niks wachten. Maar wel kletsen. De winkelvrouw werkte het lijstje af met een zeker automatisme en ondertussen werd het nieuws doorgenomen. Niet over de politiek of het milieu, nee, het ging over wie er ziek was in de straat, waar iemand in verwachting was, of desnoods over het weer. Je kwam altijd weer goed geïnformeerd thuis. En hoe meer klanten er voor je waren, des te meer kwam je te weten. En er werd nooit kwaad gesproken, want iedereen luisterde mee. Super veilig. Het winkeltje gaf een enorme sterke band tussen de mensen in de buurt. Tijden veranderen. De buurtwinkeltjes zijn al lang verdwenen. Iedere week lees je dat er weer ergens in een dorp de laatste buurtsuper zijn deuren sluit. We kopen groot. We bestellen onze boodschappen via internet en laten ze thuisbrengen. Twee muisklikken en een uur later staat het kratje boodschappen op je keukentafel. Maar soms verlang ik terug naar ons buurtwinkeltje. Want als ik zelf niet heel veel moeite doe om contact te zoeken met mijn buren dan kan het gebeuren dat mijn buurvrouw drie maanden ziek op bed ligt en ik van niks weet. Geen kaartje in de bus, geen bloemetje, geen pannetje soep. Ik betwijfel of de kletskassa dit probleem gaat oplossen. Laten we maar blijven zoeken naar de gewone contacten met onze buren. Zij worden er beter van. En wij ook.

Mgr. Rob Merkx
Plebaan-deken Roermond